:: Op 13 juni 1957 geboren in Sint-Amandsberg
:: Woont in Mariakerke
:: Sinds 1978 bezieler van het Gents liberalisme
:: Gebeten door Gent, verliefd op zijn stad
:: Sinds 1985 Gemeenteraadslid
:: Tussen 1989 en 2009 (eerste) schepen
:: Tussen 2009 en 2014 Vlaams Volksvertegenwoordiger
:: Tussen 2014 en 2016 Kabinetschef van de
    Vice-minister-president Vlaamse regering
:: Sinds 2013 voorzitter Raad van Bestuur Ugent
:: Levensmotto: Geen angst maar passie

Nieuws

Open Vld vraagt Vlaamse regering om onroerende voorheffing op materieel en outillage versneld af te bouwen

Open Vld roept de Vlaamse regering nogmaals op om nog voor het zomerreces de onroerende voorheffing op materieel en outillage, een gewestelijke belasting op het gebruik van allerlei installaties voor industriële processen, versneld af te bouwen. Deze maatregel zou de ondernemingen 220 miljoen euro extra zuurstof geven. De Vlaamse regering mag daarna ook niet op haar lauweren blijven rusten. In haar laatste jaar van deze legislatuur moet ze al haar hefbomen gebruiken om de concurrentiepositie van onze bedrijven te verbeteren. Wachten tot na de verkiezingen is echt geen optie meer.

“De onroerende voorheffing op materieel en outillage kost onze ondernemingen handenvol geld”, zegt Vlaams Open Vld-parlementslid Dirk Van Mechelen. “In 2008 heb ik als toenmalig minister van Financiën deze belasting al geschrapt voor nieuw bedrijfsmaterieel. Voor machines die aangeschaft zijn vóór 1 januari 2008, bleef deze belasting echter nog bestaan. Sinds enige tijd dringen wij er vanuit de oppositie dan ook op aan om deze bedrijfsheffing helemaal te laten uitdoven, zodat ondernemingen ruimte krijgen om te investeren en aan te werven. Het wordt hoog tijd dat Vlaamse regering op ons verzoek ingaat. Ze kan hierover nog beslissen tijdens de laatste vergaderingen voor het zomerreces. Ik roep hen daarom op om hier eindelijk werk van te maken.”

Vlaams Open Vld-fractieleider Sas Van Rouveroij wijst erop dat deze afschaffing één van de mogelijkheden is die Vlaanderen bezit om de concurrentiepositie van onze bedrijven te verbeteren. “Wij wijzen de Vlaamse regering al heel lang op de hefbomen die ze heeft om investeringen te stimuleren en werkgelegenheid te scheppen. Het heeft geen zin om constant te wijzen naar andere beleidsniveaus terwijl je zelf je huiswerk onvoldoende maakt. Het afschaffen van de belasting op materiaal en outillage is hierbij een eenvoudige en doeltreffende maatregel.”

Gaspedaal indrukken om ondernemingen maximaal te ondersteunen

Sas Van Rouveroij wil daarna verder gaan. “De onzekerheid in ondernemend Vlaanderen blijft groot. De Vlaamse regering moet nu volop het gaspedaal indrukken. In het laatste jaar van deze legislatuur moet alles uit de kast gehaald worden om ondernemingen maximaal te ondersteunen. Enkel anticiperen op bevoegdheden die overkomen na de verkiezingen, zou schuldig verzuim zijn. Op vlak van activeringsbeleid, knelpuntberoepen en grote infrastructuurwerken bijvoorbeeld, liggen er nog tal van Vlaamse opportuniteiten om bedrijven vooruit te stuwen. Wij hebben enkele weken geleden een actieplan opgemaakt en aan de regering toegelicht met concrete, snel te implementeren maatregelen. Hopelijk kan dit voor de nodige inspiratie zorgen tegen de start van het nieuwe parlementaire jaar.”

Compensatie voor de steden en gemeenten

Tot slot benadrukt Sas van Rouveroij dat de steden en gemeenten natuurlijk moeten gecompenseerd worden, zoals dat ook het geval was bij de afschaffing in 2008 door Dirk Van Mechelen: “Amper 5 procent van de opbrengst gaat naar Vlaanderen. De rest wordt doorgestort aan de steden, gemeenten en provincies. Gezien de lokale besturen instaan voor 50 procent van alle overheidsinvesteringen moet de investeringscapaciteit van de lokale besturen in het belang van onze economie op peil worden gehouden.”



Terug naar overzicht